'Vijf oplossingen om starters aan woningen te helpen'

‘De starter start steeds minder vaak.’ Dat is het probleem wat Boris van der Gijp, Director Strategy & Research bij Syntrus Achmea Real Estate & Finance, vandaag aankaartte. Van der Gijp was één van de sprekers op het congres dat geheel in het teken stond van starterswoningen. ‘Krijgen we nu een generatie die bij zijn ouders blijft wonen?’

Grootste struikelblok voor de 'niet-startende starters’ is betaalbaarheid, zowel bij koop als huur. Bovendien zijn er steeds meer drempels om te kopen en zijn de wachttijden van sociale huur onrealistisch lang. Middeldure huur is bovendien een (te) kleine sector.

‘Bij ouders wonen niet nodig’
Volgens Van der Gijp hoeft thuis bij de ouders blijven wonen niet nodig te zijn. Daarom is het tijd voor actie, meent hij, mét kansen voor beleggers. ‘Des te meer omdat startersproblematiek niet erg hoog op de politieke agenda staat, terwijl de groei in het aantal huishoudens met 25-35 jarigen met 80.000 groeit tot 2020. Dit concentreert zich met name in de steden.’

Niet interessant
Veel beleggers vinden starterswoningen nu niet interessant. Drempels als de politieke onzekerheid omtrent de verhuurdersheffing (verhogen, verlagen, veranderen of toch afschaffen?) en de liberalisatiedrempel zijn hiervoor onder andere de redenen. Woningen betaalbaar houden is voor de belegger bovendien geen prioriteit.

Vijf oplossingen
De oplossingen liggen volgens Van der Gijp niet in het verleden. Hij heeft vijf adviezen voor de toekomst:
1. Jaag de productie van betaalbare woningen aan door het verlagen van de huurliberalisatiegrens naar €635 per maand (nu ligt die boven de €700).

2. Maak een deel van het starterssegment overheidsvrij: geen punten, geen heffing en geen subsidies.

3. Jaag verduurzaming aan door een groen energielabel voor huurwoningen in 2025 verplicht te stellen.

4. Organiseer druk op corporaties, benut prestatieafspraken voor aard en omvang van productie.

5. Vertaal fiscaliteiten koop, ook naar voordelen voor hurende starter.

 

Reacties

Boris van der Gijp maakt een klassieke denkfout. Het aantal starters is simpelweg gelijk aan het aantal definitieve vertrekkers (overlijden, emigreren) plus het aantal nieuw gebouwde woningen. Want aan het eind van de verhuisketen staat altijd een starter. Het gaat er dus niet om meer voor starters te doen. Het gaat erom de proppen en obstakels uit het systeem te halen. 1 De proppen: bouw die woningen in de keten, waar het meeste behoefte aan is, dan krijg je langere verhuisketens. 2 De obstakels: Haal regels uit het systeem die verhuizen tegengaan, zoals onnodige toewijzingseisen en impliciete huurkortingen die iemand niet nodig heeft.



De middelen die hij suggereert slaan de plank mis en verergeren het systeem.

Geplaatst door Maarten Vos op 10 februari 2017 om 15:23

Ik reageeer op Boris. Als het klopt dat het aantal starters gelijk is aan het aantal definiteive vertrekkers dan laten deze woningen achter. Echter onbereikbaar voor starters.

Ten aanzien van het accent op de steden. Logisch daar is nog iets aanbod. In dorpen zoals Sint- Oedenrode / Meierijstad helemaal niets. Voor een starter - alleen of samenwoner - is beschikbaarheid, betaalbaarheid en financierbaarheid het struikelblok.

Binnenkort verwacht ik met een oplossing te komen. Lofthûs van Gaaf Groen Wonen. Nieuws!!

Geplaatst door Dick W. van de Kaa op 20 februari 2017 om 17:25

Dossier Starterswoningen

'Woningstarters nemen met minder genoegen'

Dat blijkt uit de aanvraagcijfers over februari die door het Hypotheken Data Netwerk (HDN) bekend zijn gemaakt. ''Door het oplopende tekort aan betaalbare woningen lijken starters nu vaker genoegen te nemen met een (kleiner) appartement,’’ zo staat er in de wekelijkse nieuwsbrief van de Hypotheekshop. 

7 maart 2017 om 12:17 | 3 min