Stadsbouwmeester Haarlem deelt visie op woningbouwopgave

Stadsbouwmeester Haarlem deelt visie op woningbouwopgave

Haarlem kent een grote woningbouwopgave. Hoe kan de gemeente daar binnen de grenzen plek voor vinden als nagenoeg elke vierkante meter al benut is? Gemeente en marktpartijen zien kansen in de Waarderpolder in Haarlem-Oost, die qua oppervlakte maar liefst een vijfde van de stad beslaat.

De Waarderpolder is een groot bedrijventerrein waar volgens stadsbouwmeester Max van Aerschot veel meer uit te halen valt. Ook bij de gemeente speelt de casus: de toekomst van het gebied is een belangrijk thema bij de aankomende verkiezingen. Daar komt bij dat de overheden binnen de Metropoolregio Amsterdam (MRA) bedrijventerreinen als deze graag willen mengen met wonen en recreatie: de zogenoemde ‘bedrijventerreinen van de toekomst’.


Locatie van de Waarderpolder. Bron: Google Maps.

Uitdaging
De wens voor verandering van de polder leeft, maar de totstandkoming daarvan is nogal een uitdaging. Zo zit er in het gebied (onder andere) zware industrie met bijbehorende milieucontouren, heeft de gemeente er bovendien weinig grondbezit en is er tot slot een convenant tussen gemeente en gevestigde ondernemers van kracht dat woningbouw tot 2021 niet toestaat.

Gebiedsoverstijgend
Volgens Van Aerschot, die als stadsbouwmeester het college van B&W adviseert, is er in deze polder - in theorie - genoeg plek voor woningbouw en recreatie. Dit vergt echter een aantal gebiedsoverstijgende ingrepen. ‘’Je moet de Waarderpolder zien als onderdeel van Haarlem-Oost. Als je kijkt wat er ten westen van de rivier de Spaarne zit, dan is dat qua oppervlakte net zo groot als het deel ten oosten ervan, maar is de dichtheid er vele malen kleiner: grofweg 55.000 bewoners (Oost) tegenover 110.000 (West). Een enorme onevenwichtigheid.’’


Ontwikkellocaties 2020-2050: oost vs. west. Bron: Max van Aerschot.

Kwaliteit
Het verschil in dichtheid erkennen, is stap één. Volgens Van Aerschot is het brengen van kwaliteit naar het oostelijk deel stap twee. ‘’Dit stadsdeel is te veel als een ‘lonesome cowboy’ beschouwd, waardoor het afgesneden is van de stad. In veel programma’s wordt nu gesproken van de ‘Spaarnesprong’, kortweg een vergrote binnenstad. Die sprong zou wat mij betreft ook richting de Waarderpolder genomen moeten worden.’’

Industriekring
Bedrijven zijn in het gebied nu nog heer en meester. De grootsten hebben zich verzameld in de Industriekring Waarderpolder, die liever geen grote veranderingen in het gebied ziet. ‘’Je kunt je afvragen of de zware industrie die daar zit nog wel past bij ‘de stad van nu’, maar tegelijkertijd kun je deze bedrijven niet zomaar wegsturen. Ze hebben een sterke (grond)positie in de polder en zorgen bovendien voor werkgelegenheid.’’

‘Verplaatsen’
Die bedrijven kun je wel ‘verplaatsen’, legt Van Aerschot uit. ‘’Dat kun je als gemeente faciliteren door de milieuregels die nu gelden steeds wat verder aan te scherpen, waardoor het voor de bedrijven op den duur aantrekkelijker wordt om elders te vestigen. Daar moet je wel heel zorgvuldig mee omgaan, met respect voor de grote bedrijven die daar zitten, want die hebben veel betekend voor de stad. Dat moet je in een dialoog doen.’’

Nieuwe locaties
Maar waar is er nog plek voor die bedrijven? ‘’Nieuwe locaties moeten op MRA-niveau gevonden worden, want binnen de Haarlemse gemeentegrenzen is hiervoor geen plek. Die bedrijven kunnen binnen de MRA ongetwijfeld een betere locatie krijgen waar ze wél kunnen uitbreiden of economischer kunnen werken. Dat zou de overheid moeten doen: het faciliteren van die verplaatsingsmogelijkheden – en natuurlijk verleiden, coachen en begeleiden.’’

Woningbouw
Als er ruimte vrijkomt, dan kan er pas gedacht worden aan woningbouw. Van Aerschot meent dat ontwikkelaars vanzelf volgen als de gemeente het gebied aantrekkelijker weet te maken. ‘’Op het moment dat je de verbinding met de rest van Haarlem verbetert, dan kun je op die manier een stadsdeel met een hoge dichtheid hechten aan een stadsdeel met een lage dichtheid. Dan gaat er een beweging ontstaan. De grondprijzen in de Waarderpolder zijn immers lager dan elders in Haarlem.’’

Hoogbouw
Vooral de randen van de Waarderpolder (zuid, west en oost) lenen zich goed voor woningbouw. ‘’Hier kun je een mooie gemixte stadsrand maken, eventueel met wat hoogbouw. De gemeente kan dat faciliteren door op deze plekken een ‘gemixte’ bestemming op te nemen in het bestemmingsplan.’’

Convenant
Er is echter een groot juridisch obstakel: in het convenant dat tussen het college en de Industriekring Waarderpolder is gesloten staat dat er tot 2021 geen woningbouw wordt toegestaan. Voor het komende collegetermijn (2018-2022) is het dus belangrijk om te beslissen of dit convenant wel of niet verlengd wordt. Van Aerschot vindt dit een belangrijk moment om hierover een goede visie te vormen en het niet zomaar te verlengen. ‘’Voor de verkiezingen is belangrijk dat de partijen iets opnemen in hun programma over het wonen in de Waarderpolder - gemengd met werken uiteraard.’’

Ruggengraat
Concrete ingrepen die de gemeente alvast kan doen noemt Van Aerschot ook. Hij vindt de Noord/Zuid-route door Haarlem-Oost van groot belang. ‘’Als je de Prins Bernhardlaan tot in het hart van de Waarderpolder verlengt, dan wordt dat de ruggengraat van het stadsdeel. Dan krijg je vervolgens een veel simpelere opgave, omdat daar ineens een belangrijke stadsstraat loopt van de Waarderpolder naar Schalkstad.’’


Haarlem-Oost (bezien vanuit het westen) met 'de ruggengraat' waar Van Aerschot over spreekt.

Station Haarlem-Oost
Ook over station Spaarnwoude heeft de stadsbouwmeester een uitgesproken mening. Er moet namelijk veel meer programma rondom het station toegevoegd worden. In 2009 heeft de provincie een advies genaamd ‘Task Force Ruimtewinst 2009’ opgesteld op aanvraag van Van Aerschot, waarin gesproken wordt over 280.000 m2 gemixt programma in het gebied. ‘’Dan wordt het een serieus station dat een stadsdeel dient en dat zelfs een deel van de functie van station Haarlem overneemt. Het wordt station ‘Haarlem-Oost’, dat heel goed een equivalent zou kunnen zijn van station Amsterdam-Sloterdijk, met een light-rail van Velsen naar Schiphol.’’

Hoofdfoto: Ramon Philippo.
 

Reacties
Dossier Woningbouwopgave