Huursombevechter begrijpt onvrede bij woningbeleggers

Nederland kent een aantal commerciële dienstverleners die huurders helpen met het verlagen van hun huur en te veel betaalde huurpenningen via de Huurcommissie terug te krijgen. Eén van hen is Bumarang. Vastgoedjournaal sprak met Detmar Ruessink, legal consultant bij Bumarang, over de nieuwe WWS maatregelen van Hugo de Jonge. Ondanks dat hij beroepsmatig vaak lijnrecht tegenover de woningverhuurders staat, begrijpt hij dat deze maatregelen behoorlijk ingrijpend zijn voor hen. 

‘Het idee van een huurregulering is goed’, vindt Ruessink maar daar voegt hij direct aan toe dat er nog veel onduidelijk is over de voorgestelde plannen en hij zijn bedenkingen heeft of de gepresenteerde maatregelen wel één op één zullen worden opgenomen in de wet. ‘Er is nog veel onduidelijk over de voorgestelde maatregelen van Hugo de Jonge. Het idee dat het WWS eenduidig is, is niet terecht. Het pakket aan maatregelen is opgebouwd uit diverse onderdelen en die zijn op verschillende manieren te interpreteren’, zegt Ruessink, die Nederlands Recht studeerde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Als voorbeeld noemt hij de WOZ-waarde bij nieuwbouw en transformatie. Er zijn gevallen waarin de WOZ-waarde van het gehuurde op de ingangsdatum van de huurovereenkomst niet bekend is of geen goed beeld geeft van de waarde van het gehuurde. Op welke punten moet de juiste huurprijs dan worden bepaald?

Hoewel er dus nog veel onduidelijk is over de invoering van de maatregelen, de mogelijke boetes en de handhaving, denkt Ruessink dat dit bij Bumarang wel zal leiden tot een hogere werkdruk. Voornamelijk in de regio Amsterdam, waar appartementen met een relatief klein woonoppervlak en een hoge WOZ-waarde niet meer zullen voldoen aan de WWS-punten die vereist zijn om nog in de vrije sector te mogen verhuren.

Nieuwe boetes tussen de 20.000 en 80.000 euro
Ondanks dat Ruessink beroepsmatig vaak lijnrecht tegenover de verhuurder staat, begrijpt hij dat het maatregelenpakket van minister De Jonge een hard gelag is voor de woningbelegger. 'Je hebt hier als belegger in de vrije sector niet op gerekend.' Ook de hoogte van de mogelijke nieuwe boetes vindt Ruessink in schril contrast staan met de huidige boeteregelingen. ‘Momenteel betaalt een verhuurder bij een eerste overtreding 300 euro proceskosten, bij een tweede overtreding is dat 700 euro en bij de derde en opeenvolgende kost het de verhuurder 1.400 euro. Dat is slechts een fractie van de nieuwe boetebedragen die tussen de 20.000 en 80.000 euro zullen liggen.'

Omdat het nieuwe WWS alleen gaat gelden bij nieuwe huurovereenkomsten na 1 januari 2024, verwacht Ruessink een toename van langere minimale huurperiodes van bijvoorbeeld vier jaar. ‘Ik kan mij indenken dat beleggers voor nu een slag om de arm houden en hun huurinkomsten op deze manier willen vastzetten en zo de tijdelijke wetgeving op deze manier denken uit te zingen’. Ruessink vraagt zich wel hardop af of de regelgeving inderdaad van tijdelijke aard wordt, zoals de minister heeft aangekondigd. ‘Kijk maar naar het kwartje van Kok, die tijdelijke maatregel is sinds 1991 ook nooit teruggeschroefd', aldus Ruessink tot besluit.



Reacties


Laatste nieuws