VJ Commentaar: Restwaarde kantoren interessant maar niet verrassend

Gisteren vlogen de vonken af tijdens een discussie over vastgoedwaarderingen tijdens het jaarlijks symposium van Jones Lang LaSalle in het Kurhaus. Aanleiding was de nieuwe denkrichting die door JLL is ingeslagen over de restwaarde van kantoren.

Het gloednieuwe onderzoek naar de restwaarde van kantoren op goede en slechte locaties werd door JLL samen met de andere grote vastgoedadviseurs CBRE en DTZ Zadelhoff uitgevoerd met de transactiedatabase van de Stichting Vastgoeddata (StiVAD) als uitgangspunt. De leegwaarde van kantoren is niet hetzelfde als de restwaarde, zo werd betoogd. Kantoren met een huurcontract dat nog één of twee jaar loopt hebben een hogere restwaarde dan kantoren die al helemaal leegstaan. Er is nog immers de hoop dat de zittende huurders gaan verlengen of dat het toch nog opnieuw is te verhuren. Logisch dat die hoop is ingeprijsd in de restwaarde. Het is ook logisch dat de restwaarde van de kantoren op de betere locaties hoger is dan op de slechtere locaties. Tot op de euro nauwkeurig bepaalde JLL samen met CBRE en DTZ Zadelhoff de kale restwaarde door van de betaalde transactiesommen de netto contante waarde van het nog lopende huurcontract af te trekken.

Gegevensafscherming

Interessant voor taxateurs die begrijpelijk nauwkeurig willen werken, maar eerlijk gezegd niet zo verrassend. Wat ik wel opvallend vond, is de groeiende betekenis van de StiVAD-transactiedatabase die nog maar twee jaar bestaat en door de drie vastgoedadviseurs is gebruikt voor het restwaarde-onderzoek. Even snel gekeken op de StiVAD-site. Het wil de transparantie in de markt bevorderen boven 'gegevensafscherming voor het korte termijn belang'. Heel nobel, maar de werkelijkheid is veel weerbarstiger. Wat er gemeld wordt aan verleende huurkortingen door beleggers die de data aan StiVAD aanleveren, blijft geheim. Daar komt bij dat de StiVAD-database alleen toegankelijk is voor de deelnemende beleggers (nu twintig). Over gegevensafscherming gesproken!

Publieke versie?

Maar professor Peter van Gool, lid van de gebruikersgroep van StiVAD, zegde gisteren in het Kurhaus tijdens een felle discussie met belegger Huib Boissevain (geen StiVAD-lid) toe dat er op termijn een 'publieke' versie komt van de database. Ben benieuwd hoe StiVAD-deelnemers als Bouwinvest en Syntrus Achmea hierop zullen reageren. Die partijen sturen persberichten de wereld in  met hun beleggingsdeals maar cijfers geven ze nooit.

Rogier Hentenaar
Hoofdredacteur Vastgoedjournaal

 

Reacties

Lees onze special over Vastgoedfinanciering Special 2022