Waar oude en nieuwe architectuur elkaar ontmoeten, waar sociale opvattingen van toen die van nu inspireren, waar respect voor de historie samengaat met visie op de toekomst, daar ontstaat iets bijzonders. Aan de Haagse Binckhorst verrijzen twee nieuwe woongebouwen samen met een te herbouwen monumentaal gebouw. Een ‘Schijf’ van 45 meter hoogte en een ‘Toren’ van 70 meter, op een plint met commerciële voorzieningen en een parkeergarage. Opvallend en prominent aan de voorzijde: de voormalige jeugdherberg van architect Frank van Klingeren.

‘Frank is een Binck’ is de krachtige titel van het hoogbouwproject dat in het voorjaar 2023 wordt opgeleverd. Het is een bijdrage aan het streven het oude industrieterrein met drie binnenhavens om te toveren tot een prettige woon- en werkomgeving, met veel voorzieningen. ‘Frank is een Binck’ wordt de stoere, multifunctionele landmark en een van de nieuwe entree’s van de wijk. De titel verpakt de ontstaansgeschiedenis van het project: het afgebroken en decennialang opgeslagen staalskelet van een jeugdherberg ontworpen door Frank van Klingeren op buitenplaats Ockenburgh een nieuwe bestemming te geven.

 

 

Openbaarheid en ontmoeten

Frank van Klingeren (1919 – 1999) was een sociaal geëngageerd architect. Spraakmakend en controversieel. Zijn ontwerpen zijn te herleiden tot de maatschappelijke vraagstukken in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw. Hij had veel aandacht voor openbaarheid en ontmoeting. Voor het integreren van functies. Voor het zoeken naar een architectuur die openstaat voor het onverwachte en voor verandering. Thema’s die ook nu weer hoogst actueel zijn.

De Meerpaal in Dronten en ’t Karregat in Eindhoven horen tot zijn bekendere werk. Maar het meeste is verdwenen en daarmee ook het zicht op zijn belangrijke bijdrage aan de Nederlandse architectuurgeschiedenis. Exemplarisch is zijn jeugdherberg die in 1973 werd opgeleverd. De in de Haagse duinen gelegen van oorsprong zeventiende-eeuwse villa Ockenburgh werd uitgebreid met een in staal en glas vormgegeven rechthoekige doos. Twee verdiepingen boden plaats aan 400 bedden, verdeeld over achtpersoonskamers en een grote slaapzaal voor 50 personen. De hogere begane grond werd geheel benut voor de eet- en recreatiezaal, inclusief een keuken. Een flexibel gebouw waarmee Van Klingeren vormgaf aan openheid, verbinding en communicatie. Open ruimten die een ‘slaaplandschap’ moesten creëren. Van Klingeren wilde ‘ontklonteren’ met bijvoorbeeld verplaatsbare zitblokken en geen schotten, om daarmee ‘geluidsdroogte’ te voorkomen.      

De staalconstructie, zowel binnen als buiten onbekleed, bestaat uit dwarsspanten op vier kolommen met stijve verbindingen. De strook voor de gevel is zowel terras als vluchtweg. De overeenkomsten met het veel beroemdere Eames-huis van het ontwerps-echtpaar Charles en Ray Eames in Los Angeles zijn frappant.

Demontage en hergebruik

Na het vertrek van de jeugdherberg werd de toekomst van het gebouw onzeker. Begin deze eeuw dreigde sloop. Het Comité tot Behoud Van Klingerenvleugel, opgericht door de architecten Leon Thier (Studio Leon Thier) en Gerrit van Es (HVE architecten), wist dat te voorkomen. In 2010 werd besloten tot demontage en tot herbouw in het Melis Stokepark, waar het gebruikt zou gaan worden als Medialab voor jonge ondernemers. Dat plan kwam echter nooit van de grond. Alle bouwmaterialen werden daarna opgeslagen op een werf in Pijnacker-Nootdorp.

Onderzoek van de eerder genoemde architecten wees uit dat het buitengewoon flexibele staalskelet zich goed leent voor een nieuwe bestemming. Ontwikkelaar Stebru zag die kansen ook, evenals enkele enthousiaste Haagse ambtenaren. Gezamenlijk studeerden zij in hun vrije tijd op plekken en concepten om met de herbouw nieuwe ontwikkelingen in de stad te initiëren. Een katalysator te worden voor nieuwe ontmoetingen. De Binckhorst bood die plek.

‘Frank is een Binck’ werd de naam voor het project. Het biedt een volledige woon- en werkcombinatie. Het voormalige paviljoen met een oppervlakte van 2.656 m2, 60 meter lang en 17 meter diep, krijgt op de verdieping 22 appartementen met een short-stay functie. Daaronder horeca en een co-working space met open werkruimtes voor startende ondernemers.

Van de nieuwe woongebouwen bestaat dertig procent uit sociale huurappartementen. Twintig procent is bestemd voor betaalbare middel dure huurappartementen. De resterende vijftig procent zijn appartementen voor de vrije markt. Tezamen 205 appartementen. De oppervlakten variëren van 50 tot 87 m2. Hoogbouw is dus hier geen oplossing met alleen maar kleine woningen. Een ruime natuur inclusieve daktuin zorgt voor ontspanning. Tezamen geeft het project een eigentijdse invulling aan ‘hinder’ en ‘ontklontering’, de pijlers van het gedachtegoed van architect Frank van Klingeren.    

Oorspronkelijke architectuur

Voor de herbouw van de jeugdherberg is de oorspronkelijke architectuur van het paviljoen als uitgangspunt genomen. Deze sluit ook goed aan op het voormalige industriële karakter van de Binckhorst. Het gevelbeeld wordt gevormd door het originele raster van kolommen en balken, met terug liggende glazen gevels. In deze gevels is het ritme van de stijlen van de kozijnen overgenomen. De kozijnen zijn van aluminium, overeenkomstig de oorspronkelijke situatie, maar nu met geïsoleerde profielen. De buitenzonering van de gevel is gevormd door constructieve kolommen van het paviljoen. De uitbouw van de voormalige keuken wordt opnieuw gerealiseerd en kan net als vroeger voor de horeca dienen. Tussen het paviljoen en de Binckhorsthaven komt een groot terras.

Het horizontale raster van de gevel van het paviljoen wordt in de hoogbouw voortgezet met twee sterk verticaal gelede woongebouwen. Een 45 meter hoog schijfvormig woonblok langs de Verlengde Melkwegstraat (de X-as), dat haaks staat op het Van Klingeren paviljoen. En de 70 meter hoge ‘Toren’ langs de Saturnusstraat (de Y-as). Langs de Utrechtsebaan introduceren de architecten een Z-as, die de hoogte zoekt met de markante Toren. Door de ‘Toren’ naar achteren te plaatsen krijgt de kruising veel zonlicht en weinig wind. Ook tussen beide gebouwen is veel ruimte gelaten voor het zonlicht.

 

 

Herkenbaar raster

De vierlaagse plint van beide gebouwen sluit aan op de hoogte van het paviljoen en biedt ruimte aan kantoren. Tussen het paviljoen en de nieuwe woongebouwen komt een hofje, zoals zoveel in Den Haag te vinden. De oksel tussen de ‘Toren’ en de ‘Schijf’ biedt ruimte voor een parkeergarage: BinckPark. Deze is vanuit beide gebouwen toegankelijk. De ruimte wordt uitgevoerd als een splitlevel garage met in totaal 196 parkeerplaatsen.

De verticale geleding van de ‘Toren’ wordt versterkt door de transparante liftschacht aan de gevel. De  ook van buiten af zichtbare beweging van de liften benadrukt het begrip van het wonen op hoogte. En verbeeldt een verticale dynamiek ten opzichte van de verkeersbewegingen op het maaiveld. Daarmee ontstaat er een extra dynamische beleving van hoogbouw in de stad. Met een aftrappend volume aan de top van de Toren heeft deze een interessante beëindiging, te zien als een kroon. ‘s-Avonds fungeert het als een lichtbaken.

 

 

Slim en Vitaal

‘Frank is een Binck’ is een duurzaam concept volgens de bekende Trias Energetica: People, Planet, Profit.

People: Met een bundeling van programma’s gericht op ontwikkeling van nieuwe kansen, zowel voor werken als wonen als ontspannen, komt er een plek op de Binckhorst die de dynamiek van dit gebied uitstraalt en er een stevige impuls aan geeft.

Planet: Het hergebruik van het paviljoen van Van Klingeren is bijzonder duurzaam en circulair. Het is misschien wel het grootste gebouw van Nederland dat op een andere plek wordt herbouwd. Mooi daarbij is dat het niet alleen letterlijk gaat over het gebouw zelf, maar ook over het gedachtegoed dat wordt herbouwd: ‘een knooppunt van ontmoeting’. Daarnaast wordt bijgedragen aan het klimaat adaptief maken van de stad met veel groen.

Profit: Op de daken komen zonnepanelen. Op het dak van de parkeergarage wordt een tuin aangelegd, die toegankelijk is voor de bewoners. Dit BinckPark draagt bij aan de verbetering van het stadsklimaat (schone lucht, waterbuffering en reducering hitte-eilandeffect). Klimplanten maken de gevel van de garage groen.

Ontmoetingen

Voor Van Klingeren waren gebouwen knooppunten voor ontmoetingen. Denk aan tijdgenoot en geestverwant Constant Nieuwenhuys (1920 – 2005), die streefde naar een wereld zonder grenzen. Die zijn ideeën over een nieuwe wereld verbeeldde in een van de meest visionaire en omvangrijke beeldende kunst projecten uit de naoorlogse kunstgeschiedenis: New Babylon. Zo is ook Van Klingerens stalen paviljoen op een slimme manier geconstrueerd waardoor er allerlei invullingen mogelijk zijn. Door de stalen balken bij de ontmoetingen langs elkaar te leggen ontstaan doorgaande lijnen, die in de constructie letterlijk zorgen voor ruimte om te ontmoeten. Knopen van ontmoetingen dus. Zijn gebouw en zijn maatschappelijke denkbeelden inspireren nog altijd. Ook voor nieuwe concepten, nieuwe technieken, nieuwe materialen. Dat alles komt terug in Frank is een Binck.


Beeld:

Architectencombinatie: Studio Leon Thier en  HVE architecten

Credits:

Opdrachtgever: Stebru, www.stebru.nl

Architectencombinatie:
Studio Leon Thier, www.studioleonthier.nl, HVE architecten, www.hve-architecten.nl

 

Auteur: Theo van Oeffelt

Reacties