‘Huisvesting is strategisch geworden daarom moeten gebruiker en vastgoedsector elkaar vaker ontmoeten’

‘Huisvesting is strategisch geworden daarom moeten gebruiker en vastgoedsector elkaar vaker ontmoeten’

In dit interview vertelt directeur John Kerkhoven van COMVAST waarom juist de ontmoeting tussen vastgoedpartijen en gebruikers centraler moet staan, welke trends hij ziet in kantoren, retail, logistiek en gebiedsontwikkeling, en waarom fysieke ontmoeting volgens hem belangrijker wordt in een steeds digitalere wereld.

COMVAST profileert zich als de ontmoetingsplek waar commercieel vastgoed en eindgebruikers samenkomen. Waarom is juist die koppeling nu zo belangrijk?
Omdat vastgoed uiteindelijk niet draait om stenen, maar om gebruik. De afgelopen jaren is de markt sterk veranderd. Bedrijven kijken kritischer naar hun huisvesting: hoeveel ruimte hebben we nodig, op welke plek, met welke flexibiliteit en hoe draagt die omgeving bij aan het aantrekken en behouden van mensen?

Tegelijkertijd hebben ontwikkelaars, beleggers, gemeenten en adviseurs behoefte aan rechtstreeks contact met die eindgebruiker. Niet alleen via rapporten of makelaarsdata, maar door echt te horen wat ondernemers, retailers, logistieke bedrijven, hoteliers en kantoororganisaties nodig hebben. COMVAST wil precies dat gesprek organiseren. De toekomst van commercieel vastgoed wordt bepaald door de vraag: welke plekken voegen waarde toe aan het werk, de klantreis en de bedrijfsvoering van gebruikers.

U zegt dat de behoefte van de eindgebruiker centraal staat. Wat hoort u concreet terug van gebruikers over hun huisvesting?
We horen vooral dat gebruikers veel bewuster kiezen. Vroeger ging het vaak om locatie, prijs en vierkante meters. Die factoren blijven belangrijk, maar daar zijn andere eisen bijgekomen: flexibiliteit, duurzaamheid, bereikbaarheid, uitstraling, voorzieningen en de mogelijkheid om mensen op een aantrekkelijke manier samen te brengen.

Bij kantoren zie je dat hybride werken blijvend is, maar dat de dagen waarop mensen wél naar kantoor komen belangrijker zijn geworden. Dan moet het kantoor iets toevoegen: ontmoeting, samenwerking, inspiratie en bedrijfscultuur. In retail gaat het veel meer om beleving, verblijfswaarde en combinatie met horeca, leisure of maatschappelijke functies. In logistiek spelen bereikbaarheid, arbeidsmarkt, energiecapaciteit en vergunningen een steeds grotere rol. De eindgebruiker kijkt dus integraler dan voorheen.

De woningmarkt domineert vaak het publieke debat. Wat gaat er mis als commercieel vastgoed onvoldoende aandacht krijgt?
Dan missen we een belangrijk deel van de economie. Commercieel vastgoed gaat over werkgelegenheid, ondernemerschap, bereikbaarheid, binnensteden, bedrijventerreinen, logistieke ketens en de kwaliteit van onze leefomgeving. Zonder goede werklocaties, winkels, hotels, zorgvoorzieningen, kantoren en bedrijfsruimten functioneert een stad of regio niet.

De woningopgave is enorm belangrijk, maar wonen kan niet los worden gezien van werken, voorzieningen en mobiliteit. Als we alleen naar woningen kijken, lopen we het risico dat we werklocaties wegdrukken, dat binnensteden verschralen of dat bedrijven geen groeiruimte meer vinden. COMVAST wil commercieel vastgoed daarom nadrukkelijker op de agenda zetten als onderdeel van economische vitaliteit.

COMVAST is een besloten vakbeurs. Waarom kiest u niet voor een volledig open beursmodel?
Omdat kwaliteit van ontmoeting voor ons belangrijker is dan massa. We willen een omgeving creëren waar bezoekers, standhouders, kennispartners en eindgebruikers echt relevant voor elkaar zijn. Een besloten karakter helpt om het niveau van de gesprekken hoog te houden.

Vastgoed is uiteindelijk een relatiegedreven sector. Natuurlijk kun je veel digitaal voorbereiden, maar vertrouwen ontstaat vaak pas in een persoonlijk gesprek. Door gericht uit te nodigen en te accrediteren, ontstaat een beursvloer waar mensen niet alleen rondlopen, maar elkaar doelgericht ontmoeten. Dat past bij de manier waarop de sector werkt: zorgvuldig, relationeel en met langetermijnbeslissingen.

Voor standhouders geldt een gelijkwaardig beursconcept met uniforme presentatiemogelijkheden. Wat wilt u daarmee bereiken?
We willen de inhoud en de ontmoeting centraal zetten, niet de grootte van de stand. In veel beursconcepten zie je dat zichtbaarheid sterk samenhangt met budget. Wij kiezen bewust voor een gelijkwaardiger model, zodat de kwaliteit van het gesprek belangrijker wordt dan de omvang van de presentatie.

Dat past ook bij deze tijd. Marktpartijen zoeken efficiëntie, relevantie en inhoud. Ze willen niet alleen zenden, maar in gesprek met eindgebruikers, gemeenten, ontwikkelaars, beleggers en adviseurs. Een uniform concept maakt de beurs overzichtelijker en verlaagt de drempel om op inhoud onderscheidend te zijn.

De beurs bestrijkt een breed speelveld: kantoren, retail, logistiek, datacenters, hotels, leisure en mixed-use. Waar verwacht u in 2026 de meeste dynamiek?
Ik verwacht vooral dynamiek op het snijvlak van functies. De tijd dat we kantoren, winkels, werken, recreatie en wonen volledig gescheiden konden bekijken, ligt achter ons. Gebieden worden steeds meer gemengd en gebruikers zoeken plekken waar voorzieningen, bereikbaarheid en verblijfskwaliteit samenkomen.

Bij kantoren zal de vlucht naar kwaliteit doorzetten: minder meters, maar betere meters. In retail gaat het om onderscheidende locaties en beleving. Logistiek blijft belangrijk, maar krijgt te maken met schaarse ruimte, netcongestie en strengere ruimtelijke afwegingen. Hotels en leisure profiteren van de behoefte aan ontmoeting en beleving, maar moeten ook concurreren om ruimte en personeel. De rode draad is dat vastgoed flexibeler, duurzamer en mensgerichter moet worden.

Er komt een Retailpaviljoen waar retailers zich kosteloos kunnen presenteren. Wat zegt dat over de rol van retailers in gebiedsontwikkeling?
Retailers zijn veel meer dan huurders van winkelmeters. Ze bepalen mede de levendigheid van een gebied. Een goede retailer trekt bezoekers, verlengt verblijfstijd en geeft een plek identiteit. Zeker in binnensteden en mixed-use ontwikkelingen is retail een cruciale schakel tussen vastgoed en gebruiker.

Met het Retailpaviljoen willen we retailers een duidelijke stem geven. Wat hebben zij nodig om succesvol te zijn? Welke locaties werken nog wel en welke niet? Hoe kijken zij naar huurmodellen, bereikbaarheid, parkeren, logistiek, personeel en beleving? Voor ontwikkelaars en gemeenten is die kennis onmisbaar. Een aantrekkelijke stad of gebiedsontwikkeling kun je niet achter de tekentafel alleen ontwerpen; je moet begrijpen hoe de gebruiker en de bezoeker zich gedragen.

Gemeenten worden expliciet aangesproken om bedrijventerreinen te presenteren. Welke rol ziet u voor gemeenten op COMVAST?
Gemeenten zijn een sleutelspeler. Zij bepalen niet alleen waar ruimte beschikbaar komt, maar ook onder welke voorwaarden bedrijven kunnen groeien, verduurzamen en zich vestigen. Zeker op bedrijventerreinen komen veel opgaven samen: ruimtegebrek, energietransitie, bereikbaarheid, veroudering van vastgoed, circulaire economie en werkgelegenheid.

Op COMVAST kunnen gemeenten zich niet alleen presenteren, maar ook ophalen wat de markt nodig heeft. Welke bedrijven zoeken ruimte? Welke investeringen zijn haalbaar? Waar lopen ondernemers tegenaan? Ik zie gemeenten daarom als regisseur én gesprekspartner. Niet alleen als aanbieder van grond of locaties, maar als partij die samen met de markt werkt aan toekomstbestendige werklocaties.

Hoe zorgt u ervoor dat COMVAST niet alleen netwerken wordt, maar ook concrete marktinformatie oplevert?
Door de eindgebruiker nadrukkelijk onderdeel te maken van het programma. We willen niet alleen panels met vastgoedprofessionals, maar juist gesprekken waarin gebruikers vertellen over hun huisvestingsstrategie, vestigingskeuzes en toekomstplannen. Dat levert inzichten op die je niet altijd uit marktrapporten haalt.

Daarnaast is de combinatie van beursvloer en kennissessies belangrijk. Op de beursvloer ontstaan contacten, in de zalen wordt verdieping geboden. De waarde zit in die wisselwerking. Iemand hoort een trend in een sessie, spreekt daarna een gebruiker of gemeente, en kan dat direct vertalen naar een concrete kans of samenwerking. Zo wordt ontmoeting meer dan visitekaartjes uitwisselen.

Als COMVAST in 2026 geslaagd is, wat is er dan na afloop concreet veranderd?
Dan hebben we commercieel vastgoed steviger op de kaart gezet als economische en maatschappelijke factor. Natuurlijk hopen we dat er nieuwe contacten, samenwerkingen en uiteindelijk ook transacties uit voortkomen. Maar het succes zit breder.

Geslaagd is COMVAST als ontwikkelaars beter begrijpen wat eindgebruikers zoeken, als gemeenten scherper zicht krijgen op de ruimtevraag van bedrijven, als retailers en andere gebruikers hun stem laten horen, en als de sector elkaar op een efficiënte en persoonlijke manier heeft ontmoet. Juist in een tijd van digitalisering, AI en hybride werken wordt fysieke ontmoeting waardevoller. Mensen willen elkaar nog steeds in de ogen kijken voordat ze belangrijke besluiten nemen. COMVAST wil de plek zijn waar die gesprekken ontstaan.



Reacties


Laatste nieuws