Kort geding: afbreken strandpaviljoens niet meer van deze tijd
Volgende week woensdag 19 oktober, om 13:00 uur vindt het kort geding plaats tussen strandpaviljoen BEACH uit Noordwijk en de gemeente Noordwijk. Doel van het kort geding is om de strandtenten het hele jaar te mogen laten staan. Op dit moment moeten ze volgens de vergunning en de gemeentes worden afgebroken. Maar verschillende milieurapporten tonen aan dat dit milieutechnisch gezien schadelijk is voor de duinen en een enorme stikstofimpact heeft op de duingebieden, die vaak als Natura 2000 gebieden zijn aangewezen.
Veel strandpaviljoens moeten nog steeds ieder jaar afgebroken worden en 3 á 4 maanden later worden ze weer opgebouwd. Waarom is dat eigenlijk? En waarom mogen steeds meer paviljoens wel het hele jaar blijven staan. Dat vraagt om een kritische analyse, vooral om dat het afbreken en opbouwen van een strandpaviljoen een flinke stikstofdepositie veroorzaakt.
Waarom moeten strandpaviljoens afgebroken worden?
De aanvankelijke reden van seizoensgebonden strandpaviljoens is dat zand op het strand vrij spel moet hebben ten behoeve van de natuurlijke kustversterking. Door de wind verplaatst het zand zich naar de duinen waardoor de natuurlijke kustversterking voldoende bescherming biedt tegen de stijgende zeespiegel. Het laten staan van strandpaviljoens kan dat proces verstoren, zo was de gedachte. Gelet op de ontwikkeling dat steeds meer strandpaviljoens wordt toegestaan om jaarrond open te blijven, rijst de vraag of natuurlijke kustbescherming nog ten grondslag kan worden gelegd aan de eis dat andere strandpaviljoens alleen in het zomerseizoen geëxploiteerd mogen worden. Bij deze jaarrondpaviljoens is de duinvorming kennelijk geen probleem. De afgelopen twee jaar mochten alle strandpaviljoens overigens blijven staan i.v.m. de coronacrisis. Ik heb nergens kunnen vaststellen dat de duinen als gevolg daarvan verslechterd zouden zijn.
Strandpaviljoens en de Dienstenrichtlijn
Het jaarlijks af moeten breken van een paviljoen is een beperking op het kunnen uitoefenen van een dienst, te weten horecaexploitatie. Dus is de Dienstenrichtlijn (Drl) van toepassing. Ik schreef hier al eerder over toepassing van de Dienstenrichtlijn bij ruimtelijke ordening Het strandpaviljoen kan in de wintermaanden immers niet worden geëxploiteerd. Het beperken van het recht van dienstverrichters op het verrichten van diensten is een eis in de zin van de Dienstenrichtlijn. Immers, een eis wordt door de Dienstenrichtlijn gedefinieerd als:
“elke verplichting, verbodsbepaling, voorwaarde of beperking uit hoofde van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten of voortvloeiend uit de rechtspraak, de administratieve praktijk, de regels van beroepsorden of de collectieve regels van beroepsverenigingen of andere beroepsorganisaties, die deze in het kader van de hun toegekende juridische bevoegdheden hebben vastgesteld”.
De beperking dat strandpaviljoens alleen seizoensgebonden mogen worden geëxploiteerd kan daardoor gekwalificeerd worden als een eis. Zoals hiervoor reeds genoemd, zijn de artikelen 14 en 15 Drl van toepassing opeisen. Artikel 14 Drl bepaalt welke eisen verboden zijn en dus in geen geval gesteld mogen worden. Artikel 15 Drl bepaalt welke eisen onder voorwaarden mogen worden gesteld. In de meeste gevallen is de onderbouwing van een eis doorslaggevend voor de vraag of deze al dan niet in strijd is met de Dienstenrichtlijn. Bij de onderbouwing van de beperkingen die gelden voor seizoensgebonden strandpaviljoens kunnen vraagtekens worden geplaatst. Het levert ook nog concurrentievervalsing op want de seizoenspaviljoens moeten jaarlijks aanzienlijke kosten voor het afbreken en opbouwen maken. En gemeenten mogen zicht niet mengen in concurrentieverhoudingen. Dat moet aan de markt overgelaten worden.
Beleid van kustgemeenten over strandpaviljoens
Er is geen onderzoek waaruit blijkt dat het noodzakelijk is vanwege de kustbescherming om seizoenspaviljoens 3 á 4 maanden af te breken. En dat is wel een vereiste voor een dergelijke zware eis aan een ondernemer. De aanvankelijke reden van seizoensgebonden strandpaviljoens is dat zand op het strand vrij spel moet hebben ten behoeve van de natuurlijke kustversterking. Door de wind verplaatst het zand zich naar de duinen waardoor de natuurlijke kustversterking voldoende bescherming biedt tegen de stijgende zeespiegel. Het laten staan van strandpaviljoens zou dat proces kunnen verstoren. Gelet op de ontwikkeling dat steeds meer strandpaviljoens wordt toegestaan om jaarrond open te blijven, rijst de vraag of natuurlijke kustbescherming nog ten grondslag kan worden gelegd aan de eis dat andere strandpaviljoens alleen in het zomerseizoen geëxploiteerd mogen worden. Bovendien is een ander probleem opgedoemd: de stevige stikstofuitstoot bij de opbouw en afbraak van paviljoens. Ook daar ontbreekt onderzoek van gemeenten naar de gevolgen daarvan.
Is er een dringende reden voor jaarlijks afbreken van een strandpaviljoen?
De ontwikkeling dat steeds meer strandpaviljoens jaarrond worden, vraagt om een kritische blik op het beleid van kustgemeenten. Bij de beoordeling of sprake is van een eis die in strijd is met de Dienstenrichtlijn is van belang wat de motivering is van gemeenten om aan het ene strandpaviljoen wel de eis te stellen om elk jaar voor de wintermaanden af te breken en aan het andere strandpaviljoen het recht te verlenen om het hele jaar open te blijven. Er moet een dringende reden van algemeen belang zijn om aan een ondernemer een eis te stellen dat hij zijn onderneming 3 á 4 mand per jaar moet staken. Daarnaast moet een dergelijke eis van seizoensgebonden exploitatie noodzakelijk en proportioneel zijn. Die motiveringsplicht is zwaar. Uit de rechtspraak volgt dat gemeenten met onderzoeken en rapportages moeten aantonen dat de beperking geschikt is om het beoogde doel dat daarmee gediend is te kunnen bereiken. Is dat niet gebeurd, dan is de eis volgens de Dienstenrichtlijn niet toelaatbaar.
Afbreken en opbouwen van seizoenspaviljoens veroorzaakt stikstofdepositie
Op basis van de Wet natuurbescherming mag er geen verslechtering plaatsvinden voor het in standhouden van Natura 2000- gebieden (artikel 2.7 lid 2 Wet natuurbescherming ). Dit houdt in dat de stikstof uitstoot de 0,0 waarde niet mag overschrijden. Het betekent dat de op- en afbouw door de toename van stikstof uitstoot niet mag plaatsvinden omdat niet wordt voldaan aan artikel 2.7 en 2.8 van de Wet natuurbescherming, tenzij daar een natuurvergunning voor wordt verleend. De meeste kustgemeenten liggen vlakbij natura-2000 gebieden. De inzet van machines en werktuigen, de vervoersbewegingen die noodzakelijkerwijs langs de natuurgebieden gaan, zorgt voor een aanzienlijke belasting van het milieu. In de kamerbrief van 9 september 2022 aan, heeft de Minister voor Natuur en Stikstof het evenredig bijdragen van sectoren aan stikstofreductie benadrukt. Hier ligt dus een taak voor de kustgemeenten om de kritisch te kijken naar de noodzaak of strandpaviljoens nog wel afgebroken moeten worden.
De gedateerde praktijk van het afbreken en 3 maanden later weer opbouwen van strandpaviljoens is niet meer van deze tijd. De Dienstenrichtlijn en stikstofregelgeving bieden daar geen ruimte voor. Ondernemers die hun paviljoen willen laten staan zouden daartoe gefaciliteerd moeten worden.
Dit was een bijdrage van Mark van Weeren, advocaat bij Blenheim Advocaten.
Foto: afbreken en afvoeren van Beach Club Far Out in Zandvoort ©Vastgoedjournaal
Laatste nieuws
- 01-05-2026 14:27 Rechter trekt harde lijn: 'Onderhoudsrisico kost Optisport exploitatie Den Asseldonk'
- 01-05-2026 14:08 De Vrije Blick kiest GoHome als verhuurplatform voor woningportefeuille
- 01-05-2026 13:36 EU-leiders komen in november bijeen om wooncrisis
- 01-05-2026 12:58 Bouwinvest maakt kapitaal vrij voor hoogste woontoren van Amsterdam met verkoop van 205 woningen
- 01-05-2026 12:47 Ondernemers Food Center willen ontwikkelaar Marktkwartier voor rechter slepen
- 01-05-2026 11:48 Intospace wil distributiecentrum ‘inpakken’ met 300 woningen in Zoetermeer
- 01-05-2026 11:14 Chinees elektronicamerk kiest Westfield Mall voor eerste Benelux-winkel
- 01-05-2026 11:00 Logistiek vastgoed verhuren? Denk aan triple net, maar leg het goed vast
- 01-05-2026 10:46 Zesde winkel voor Uniqlo in Nederland
- 01-05-2026 10:35 Eigenaar Batavia Stad aast op outletcentra in vier Europese landen
- 01-05-2026 10:19 CBRE breidt taxatieteam uit met drie nieuwe gezichten
- 01-05-2026 09:52 Mei bij VJ in het teken van logistiek
- 01-05-2026 09:42 Online verkoop blijft detailhandel vooruitduwen: Omzet 7,7 procent hoger
- 01-05-2026 08:59 Prof. Arjan Bregman: ‘Gebruik de BOPA slim, het kan woningbouw juridisch versnellen’
- 01-05-2026 06:00 Netcongestie als contractvraagstuk
- 30-04-2026 21:31 Europese druk voor aanpassing ATAD-richtlijn heeft pas effect in 2029
- 30-04-2026 16:35 Vivet koopt appartementencomplex in Emmen
- 30-04-2026 16:29 Kabinet verlaagt geluidsplafonds langs spoor, meer ruimte voor woningbouw
- 30-04-2026 16:24 Webinar GroenGebouw: Slim verduurzamen met maximaal rendement voor jouw pand
- 30-04-2026 16:06 Nederlandse vastgoedmarkt onttrekt zich aan Europese daling investeringsvolume
- 30-04-2026 15:43 ECB laat rente onveranderd ondanks oplopende inflatie
- 30-04-2026 15:29 Onderzoek Kadaster: 46 procent bebouwde kom in handen gemeenten
- 30-04-2026 13:19 Topvacature: Vastgoedmanager bij Nobillon Vastgoed
- 30-04-2026 12:30 First Sponsor koopt eenderde van Crown Plaza op Amsterdamse Zuidas
- 30-04-2026 12:06 Amsterdamse corporaties: College, laat 40/40/20 per wijk los
- 30-04-2026 11:32 Stimmt Digital huurt op Campus CeeCee Timber in Enschede

.jpg)
.jpg)
.jpg)




Reacties
Om te kunnen reageren moet u zijn ingelogd. Klik hier om in te loggen.