Digitalisering geen bedreiging voor Erasmus Universiteitsbibliotheek Rotterdam

De eisen aan vastgoed veranderen, niet in de laatste plaats vanwege de toenemende digitalisering. Ook de bibliotheek van de Erasmus Universiteit Rotterdam nam die ontwikkeling mee in hun renovatieplan. Wat ooit een gebouw met boeken was, zal straks een plek voor ontmoeting zijn. 

In november 2015 startte Dura Vermeer met de uitvoering van de grondige verbouwing. Edwin Blom, Hoofd Klant en Markt bij Dura Vermeer Bouw Heyma, gelooft dat renovatie altijd moet bijdragen aan oplossingen voor de toekomst. Wat betekent dat voor de universiteitsbibliotheek? Een gesprek in de tijdelijke UB-locatie met directeur Matthijs van Otegem.

Blom: “Wat mij als eerste te binnen schiet, is of je met de toenemende digitalisering nog wel een gebouw nodig hebt als bibliotheek?”

Van Otegem: “Dat hoor ik vaker. Maar het is niet zonder reden dat internetbedrijf Amazon anno 2016 fysieke winkels opent en dat Apple al die jaren nog steeds hun flagshipstores uitbreidt. Om je merk zichtbaar te houden en het contact met de gebruiker niet te verliezen, moet je meer doen dan online. Natuurlijk neemt de uitleen van boeken af, maar een bibliotheek is méér dan dat. Juist in de digitale wereld is een universiteitsbibliotheek belangrijk voor studenten om te studeren én om elkaar te ontmoeten. Die ontmoetingscomponent was voor ons een uitgangspunt bij de renovatie. Wat betekent digitalisering in de bouw voor Dura Vermeer?”

Blom: “Het is een hot item. We hebben de engineering van de bibliotheek volledig in BIM opgepakt. We werken binnen één digitaal model samen met onze belangrijkste partners. Hoe gaven jullie vorm aan die ontmoetingscomponent?”

Van Otegem: “De zichtlijnen benadrukken de ontmoetingsfunctie van het gebouw. Gedeelten staan zo in verbinding met elkaar, zoals de open trappen en de extra entree op straatniveau die uitnodigt om naar binnen te lopen. De lage boekenkasten geven overzicht en zorgen dat er stiller gewerkt wordt. Mensen hoeven namelijk niet langer rond te lopen tussen hoge kasten om elkaar te vinden. Keerzijde van dit concept is dat het ruimte vergt, waardoor we minder boeken kwijt kunnen.”

Blom: “Welke functie heeft het gebouw voor de gebruiker?”

Van Otegem: “Digitaal is de standaard en de beste plaatsen in het gebouw zijn voor studenten. Waar in het verleden de focus op boeken lag, staat in het nieuwe ontwerp – van architectencombinatie ABT-jefvandenputte architectuur – de student als gebruiker centraal. De studieplekken hebben veel daglicht en zijn comfortabel door gebruik van driedubbelglas. Voorheen zaten de zeventig medewerkers in de buitenste ring met ramen. Voor hen zijn er straks flexplekken verspreid door het gebouw. Dat betekent overigens niet werken in de donkere hoekjes.”

Blom: “Zeker niet. Door de vides, meer open geveldelen en een atrium met daklichten komt er overal daglicht naar binnen. Het is een goede manier om licht toe te voegen aan een gebouw. Als je de gebruiker trouwens centraal stelt, moet je op de hoogte zijn van hun behoeften.”

Van Otegem: “Dat klopt. Daarom lieten we studenten met ons meedenken. Ze testten stoelen en noemden tijdens klankbordsessies en inlooplunches bijvoorbeeld de afwezigheid van voldoende stopcontacten. Daarvan krijgt elke studieplek er straks twee. En soms meer, bijvoorbeeld bij een desktop. Ook de netwerkcapaciteit was aan flinke uitbreiding toe. Een grote, maar noodzakelijke én waardevolle investering met het oog op een nog digitaler wordende toekomst.”

Blom: “En die overgebleven boeken?”

Van Otegem: “In plaats van 200.000 boeken en tijdschriften is er nu 4.000 m2 extra vloeroppervlakte in het magazijn van het gebouw. Een deel van de collectie ging naar een goed doel, de rest richting papierrecycling. Dat zijn beslissingen waar je wel even over wilt slapen. Gelukkig hebben we nog steeds een collectie van één miljoen boeken over. Een moeilijke beslissing was ook het afscheid van de historische boekenrobot. Al sinds 1968 selecteert en transporteert die boeken naar de uitleenbalie. Na lang beraad werd vanwege de benodigde ruimte toch besloten om de robot weg te doen. Ja, dan sluit je wel een tijdperk af.”

Blom: “Zijn er nog zaken waar jullie je op dít moment zorgen over maken?”

Van Otegem: “Helemaal niet. Ik geloof vurig in het concept. We zijn trots dat we dit met Dura Vermeer als Rotterdamse aannemer in deze stad met elkaar weten te klaren. En we kijken uit naar de ingebruikname van het gebouw. Dat zal volgens planning in het voorjaar van 2017 zijn.”

Meer informatie is te lezen op: www.eur.nl/ub. Een bijdrage van Dura Vermeer. Op de onderste foto zit Van Otegem links.

Reacties

Lees onze special over Energietransitie